Gametechnologie in de klas op de Julianaschool in Arnhem

Leerlingen van groep 7 van de Julianaschool in Arnhem maakten in de Week van het Maakonderwijs een game character. Het begint met het knippen van beeldmateriaal uit tijdschriften, waarna die worden samengevoegd tot game character. Via een webcam in een mini-studio verschijnen de ‘levende’ karakters op het beeldscherm van een laptop. Met hun zelfgemaakte characters spelen ze in groepjes een game: ‘Je moet elkaar niet opeten, hè.’

Samen met zijn leerlingen uit groep 7 heeft Bas van de Pijpekamp een activiteit uitgekozen om te doen tijdens de Week van het Maakonderwijs. Dat werd de workshop Boschplay bestaande uit character design, animatie en een game. ‘Ze zijn geïnteresseerd in het werken met deze gametechnologie, waarbij je game characters ontwerpt, een stop-motionfilmpje maakt en een game speelt’, verklaart de docent van de Julianaschool in Arnhem.

Werken met webcam en greenscreen

Rohan van den Braak van het bedrijf BlewScreen Games uit Tilburg geeft de leerlingen op een groot beeldscherm voor de klas instructies. De leerlingen zitten in twee- en drietallen bij elkaar achter een laptop. Ze zijn druk aan het knippen in tijdschriften en verzamelen zo onderdelen voor hun game character. In een ministudio met greenscreen en webcam leggen ze de onderdelen bij elkaar en construreren zo hun game karakter. ‘Als gamestudio hebben we zelf het animatieprogramma Boschplay ontwikkeld, waarmee we workshops geven op scholen’, verklaart Rohan. De naam Boschplay verwijst naar de schilderijen van Jeroen Bosch.

Stop-motionfilmpje maken

Elin (10), Liv (11) en Fiene (11) zijn al foto’s aan het maken van hun creatie. ‘Daarmee maken we een stop-motionfilmpje’, legt Fiene uit. ‘Door bijvoorbeeld de arm van het game character steeds een stukje te verschuiven en daar foto’s van te maken, gaat het character zwaaien.’ Elin lacht: ‘Straks gaan we een game spelen. Dit is veel leuker dan de gewone les.’

Met behulp van de webcam worden de animaties opgeslagen en met een speciale avatar editor bewerkt tot functionele game karakters.

Serious game

Boschplay is een serious game. ‘Dat is wat anders dan de games die de kinderen thuis spelen’, zegt Rohan. ‘Deze game is geïnspireerd op de zeven hoofdzonden van Jeroen Bosch. De spelers moeten zich door de cirkel van de zeven hoofdzonden heen werken om hun plek in de hemel te kunnen veroveren.’ Elke hoofdzonde heeft zijn eigen obstakels, bij Vraatzucht moeten de game characters zich door het level van de game heen eten.

Deense docenten

Bas van de Pijpekamp staat sinds drie jaar voor de klas op de Julianaschool. Hij volgde zijn opleiding aan de HAN en is door Maarten Hennekes van HAN Educatie geattendeerd op de activiteiten tijdens de Week van het Maakonderwijs. Via de HAN brengt ook een groep docenten uit Denemarken een bezoek aan scholen in de regio Arnhem. Andreas is één van hen, hij is wiskundeleraar en geeft normaalgesproken les aan 12- tot 15-jarigen. Na een rondleiding door de school kijkt hij toe hoe de scholieren van groep 7 met de game karakters in de weer zijn. ‘Het is leuk en goed om te zien dat de kinderen actief bezig zijn. Ik ben ook al bij mbo-school Rijn IJssel geweest. We zijn hier om te zien hoe technische activiteiten op school in de praktijk werken.’

Game spelen en samen werken

Als de verschillende animaties gemaakt door de leerlingen in de game zijn geplaatst, kunnen de eerste twee teams het tegen elkaar opnemen in de gamewereld. Elin, Liv en Fiene spelen met hun game karakter Brommer Bas tegen Mr. Potato van Rick (11) en Lynn (10). ‘Let op: het is natuurlijk de bedoeling zo veel mogelijk opdrachten goed te doen, maar de teams moeten wel allebei de eindstreep halen’, kondigt Rohan aan. ‘Dus jullie moeten ook samenwerken.’

Met een controller in de hand en hun blik op het scherm gaan de scholieren van start. Hun game characters springen, vallen, verdwijnen en komen weer tevoorschijn. ‘Wat doen jullie nu?’, roept Fiene in het heetst van de strijd. ‘Je moet elkaar niet opeten, hè.’ Rick is even uit zijn concentratie en knikt. ‘Ik ga eerst, goed?’, zegt hij. Fiene knikt: ‘Ja, dat is goed.’

 

Blijf op de hoogte en schrijf je in op de nieuwsbrief